Kortestraat 16, 6811 EP Arnhem

[email protected]

026 3519029

Logo

Van urban naar erfgoed: UNESCO advies over the culture

Naar aanleiding van een artikel in de recente uitgave van Boekmanstichting over het UNESCO-advies On(ver)vangbaar: De innovatieve kracht van the culture, reflecteert Simon Mamahit vanuit zijn ervaring als maker in de hiphopscene en als adviseur. Hij kijkt naar hoe begrippen als urban en the culture langzaam hun weg vinden naar beleid.

Van makerspraktijk naar beleid

Ik heb veel te danken aan mijn makerschap in specifiek de hiphopscene. Tegelijk ben ik de afgelopen jaren steeds meer in beleid terechtgekomen. Daardoor heb ik de evolutie van verschillende scenes van dichtbij meegemaakt, eerst vanuit makersperspectief en later ook vanuit beleidsperspectief. Ik zie daarin een duidelijke lijn in hoe cultuur steeds opnieuw wordt benoemd, beschreven en uiteindelijk langzaam zijn weg vindt naar beleid. Die lijn is goed zichtbaar. Hieronder een greep uit de tonnen publicaties die dat voor mij onder andere hard maken.

Toen urban nog een aparte discipline was

Een vroeg punt in die ontwikkeling is Urban is anders toch van Janny Donker uit 2016. In die tijd werd er nog vooral gesproken over urban als een aparte discipline, vooral rond dans en podiumpraktijken. Voor mij voelde dat herkenbaar maar ook beperkt. Urban werd beschreven als iets dat anders was dan bestaande kunstvormen, maar het ging nog niet echt over de bredere culturele werkelijkheid waar wij als makers in leefden.

Daarna verscheen Iets met urban vanuit Cultuur Oost, een van de publicaties waar we als Provinciaal Ondersteunings Instelling vrij vroeg waren in het benoemen en duiden van hoe dat ‘Iets met Urban’ zich dan ontwikkelde in Gelderland. Vanuit die rol heb ik geprobeerd om de praktijk van binnenuit te beschrijven. In die publicatie werd al duidelijk dat urban eigenlijk een containerbegrip was voor een culturele werkelijkheid die veel breder is dan één discipline. Het ging over netwerken van makers, informele leerprocessen en gemeenschappen die vaak al bestonden lang voordat beleid er woorden voor had.

Van erkenning naar zeggenschap

De open brief Wij zien jullie, witte kunst- en cultuursector markeerde daarna een kantelpunt. Niet de brief zelf maar ook met de nieuwe toetreders van commissieleden in grote en kleine BIS en het gevolg voor de honoreringen. Er was voor het eerst dat ik een op grote schaal signaal zag dat het probleem niet alleen ging over erkenning van kunstvormen, maar ook over macht en zeggenschap. Veel makers herkenden daarin hun eigen ervaringen. Het ging niet alleen meer over urban of hiphop als genre, maar over de vraag wie de cultuursector eigenlijk vertegenwoordigt.

Het Manifest in Gelderland vormde vervolgens een volgende stap. Mede door de groeiende aandacht in beleid en publicaties begonnen makers en organisaties zich steeds nadrukkelijker te verenigen en zelf adviezen te formuleren richting overheden. Voor zover ik weet was het Gelderse manifest een van de eerste momenten waarop dat zo expliciet gebeurde. Daarin maakten makers en organisaties zich kenbaar als een sector die in de praktijk al bestond, maar vaak parallel aan of onder de formele culturele sector opereerde. Het manifest was daarmee niet alleen een oproep om ondersteuning, maar ook een moment waarop een sector zichzelf begon te definiëren en zichtbaar te maken richting beleid.

The culture als cultureel ecosysteem

Met het UNESCO-advies On(ver)vangbaar: De innovatieve kracht van the culture kwam er vervolgens een nieuwe stap in die ontwikkeling. Hier werd de term urban grotendeels losgelaten en vervangen door the culture als bredere benaming voor een cultureel ecosysteem dat al decennialang bestaat. Voor veel makers voelde dat als erkenning van iets wat we al lang wisten, namelijk dat dit niet alleen een kunstvorm is maar een manier van leven en organiseren.

Parallel aan deze ontwikkeling begon ook de Raad voor Cultuur zich steeds explicieter af te vragen hoe het cultuurbestel zich tot deze werkelijkheid moet verhouden. In Toegang tot cultuur en het advies voor een nieuw bestel wordt eigenlijk hardop erkend dat het bestaande systeem onvoldoende aansluit bij hoe cultuur in de praktijk wordt gemaakt en beleefd. Die adviezen gaan niet specifiek over hiphop of the culture, maar ze raken er wel direct aan omdat ze pleiten voor een breder cultuurbegrip en voor een bestel dat niet alleen rond instellingen is georganiseerd.

Erfgoeddrager

Voor mij persoonlijk komt deze lijn voorlopig samen in de UNESCO-publicatie Onbetaalbaar: Investeren in erfgoedgemeenschappen. Daarin mag ik een erfgoedgemeenschap vertegenwoordigen en nadenken over hoe provincies, gemeenten en overheden zich tot zulke gemeenschappen kunnen verhouden. Daarvoor ben ik gefotografeerd in de toko waar ik als kind al kwam Toko Rinus aan de Steenbokstraat 18–20 in Nijmegen.

Die plek is voor mij geen abstract voorbeeld maar een levende gemeenschap waar cultuur dagelijks wordt doorgegeven, gedeeld en vernieuwd. Grote dank aan Sylvia en het hele team dat ik daar de ruimte kreeg om dit werk te doen.

Advies aan gemeenten

Na alles wat ik als maker en als adviseur heb meegemaakt zie ik deze publicaties niet als losse documenten, maar als sporen van één ontwikkeling. Eerst heette dat urban, daarna community arts, daarna the culture, en nu spreken we ook over jongerencultuur, nachtcultuur en erfgoedgemeenschappen. Steeds zijn het pogingen om iets te benoemen dat in de praktijk al aanwezig is.

Aan gemeenteambtenaren wil ik daarom vooral een uitnodiging doen om zich te verdiepen in de erfgoedgemeenschappen in hun eigen gemeente. Ik sta open voor het goede gesprek en deel graag de werkzame elementen en relatiekennis die in de loop van deze ontwikkeling zijn opgebouwd. Deze kennis ligt niet alleen in rapporten besloten, maar vooral in de gemeenschappen zelf.

Boekmanstichting #142: The culture

Webinar: the culture -essentiële basis voor cultuurambtenaren       

#cultuur & beleid #erfgoed